Het kan zijn dat een van de partijen zich niet kan verenigen met een vonnis van de rechtbank. In dat geval bestaat de mogelijkheid om in hoger beroep te gaan bij het gerechtshof. Bij het hof worden in beginsel twee processtukken uitgewisseld.
Een partij die het hoger beroep begint heet een appellant. De zaak begint met het uitbrengen van een hoger beroep dagvaarding. Op dit formulier staat simpelweg dat een partij in hoger beroep komt en de zaak aanbrengt op een bepaalde dag bij het hof. De andere partij die zich verdedigt in beroep heet geintimeerde.
De appellant werkt in een processtuk uit waarom hij of zij het niet eens is met het vonnis. Het is hierbij mogelijk dat er geheel andere standpunt naar voren wordt gebracht. Dit door een appellant opgestelde processtuk heet een memorie van grieven. De geintimeerde reageert op deze memorie van grieven met een memorie van antwoord.
De geintimeerde kan het beroep aanrgijpen om zelf ook het eerdere vonnis aan te pakken. DIt doet hij fdan via incidenteel beroep.
Een procedure bij het hof duurt ruim een jaar en wordt doorgaans schriftelijk afgewikkeld.