Wie besluit een einde te maken aan misstanden en hiervan melding maakt, krijgt er vaak een hoop narigheid voor terug. In het verleden werd een klokkenluider, wanneer baan en bestaan in het geding kwamen, regelmatig aan zijn lot overgelaten. Overheidsorganen trokken hun handen niet zelden er vanaf op het moment dat de relevante informatie eenmaal was binnen gehengeld. Wel de lusten, niet de lasten, iets in die geest omdat de klokkenluider/tipgever zou hebben voldaan aan een burgerplicht. Met als gevolg dat potentiële tipgevers logischerwijze niet stonden te springen om eenzelfde traject te gaan doorlopen.

Sinds juli 2016 is Wet huis voor klokkenluiders van kracht. Een prima middel om de kwetsbare positie die klokkenluiders nu eenmaal kenmerkt te verbeteren, zo leek het. Het raamwerk oogt namelijk hoopgevend: er wordt gezorgd voor ontslagbescherming (van ten hoogste een jaar) en bedrijven worden bovendien verplicht om intern een klokkenluidersregeling in te stellen. Wie als klokkenluider niet weet waar Abraham de mosterd haalt, kan ook terecht voor algemene adviezen.

Dat klinkt allemaal aardig, maar het neemt een fundamentele angst niet weg: strafrechtelijke vervolging aan de poort. Want wie garandeert de klokkenluider in spe dat hij niet onmiddellijk na het luiden van de klok vervolgd wordt voor zijn eventuele aandeel in hetgeen hij heeft gemeld? En welke zekerheid heeft de klokkenluider dat zijn kosten worden vergoed (advocaatkosten, kosten verlies van baan (na een jaar)) en/of schadevergoeding voor alle geleden nadeel ten gevolge van de klokkenluidersactiviteiten?

Die garanties zijn er simpelweg niet. Varen op de koers van het Huis van klokkenluiders biedt wat dit betreft te weinig zekerheid voor de toekomst.

Daarom ligt het in de rede om via het Huis van klokkenluiders meer houvast te bieden.  En de overheid kan daar zelf aan meewerken met een document dat tot 2009 angstvallig geheim werd gehouden en pas in 2014 officieel werd bestempeld tot beleid. Ik heb het op deze plaats over een resolutie uit 1985.

De staatssecretaris van Financiën heeft deze resolutie op 24 oktober 1985 gepubliceerd in het blad ‘Vakstudienieuws’ zonder er echter bekendheid aan te geven ten opzichte van het grote publiek. De resolutie ziet – kort gezegd – op het uitloven en betaalbaar stellen van tipgelden door de fiscus. Het voert te ver om de regeling op deze plaats tot in detail uit te werken, maar de essentie is eenvoudig van aard: wanneer een tip van een burger leidt tot extra naheffingen en boetes en hierdoor daadwerkelijk (en aantoonbaar) extra inkomsten in de staatskas vloeien, kan de tipgever hiervoor een zogenaamde tipgeldbeloning bedingen. De overheid loopt hierbij geen enkel financieel risico, want de regeling komt neer op ‘no cure, no pay’.

Van belang is daarbij dat niet alleen het geldelijke aspect (de beloning) in de resolutie wordt benoemd, maar ook de risico’s: ‘Tevens wordt bezien of aan het gebruik maken van de tip evidente gevaren voor de tipgever dan wel de daarbij betrokken belastingambtenaar zijn verbonden.’

Een soortgelijke, algemene regeling, zou mijns inziens in brede zin veel zorgen kunnen wegnemen. Wanneer een klokkenluider ten faveure van het maatschappelijke belang een of meer tips geeft aan een overheidsorgaan waarmee datzelfde overheidsorgaan extra inkomsten genereert, zou die tipgever in alle gevallen op basis van no cure, no pay een beloning moeten krijgen  en vooral bescherming voor de gevaren voor de tipgever. Al was het maar om de lacune in de Wet huis voor klokkenluiders te dichten. Want linksom of rechtsom, een klokkenluider komt nooit ongeschonden uit de strijd. En dus zijn een adequate financiële tegemoetkoming (in de vorm van een schadevergoeding of een tipgeldbeloning) en bescherming onontbeerlijk om het hoofd boven water te houden. Er rust een schone taak op het Huis voor klokkenluiders om een dergelijk breed vangnet aan te kaarten bij alle departementen.

De twee elementaire tips die alle toekomstige klokkenluiders ter harte kunnen nemen, zijn mitsdien duidelijk:

  • Zorg voor juridische ondersteuning vanaf het allereerste moment;
  • Maak vooraf concrete afspraken met de overheid over de bescherming en de beloning.

Inhoudelijke begeleiding en behandeling van uw specifieke situatie is in uitstekende handen bij

Mr. Roberto Pennino

pennino@lsadvocaten.com

Vraag het ons:


045-5737575